Balans docentencorps ∴ gerichtheid op meerstemmigheid
Balans docentencorps: gerichtheid op meerstemmigheid. Een opleiding is gebaat bij docenten die voor het merendeel eenzelfde kijk hebben op onderwijs en de organisatie daarvan. En van daaruit handelen, met elkaar samenwerken, zaken met elkaar bespreken, etc. Een docentencorps dat voor 100% uit dit type docenten bestaat loopt echter snel het gevaar te gelijkgestemd te zijn. Er komen dan (te) weinig kritische vragen, nieuwe ideeën en andere benaderingen naar boven. De gelijkgestemdheid kan dusdanig groot worden dat men echt gaat denken dat ‘het klopt’. We zijn het immers allemaal volstrekt met elkaar eens over wat we aan het doen zijn en hoe we dat doen. Het is echter gezonder voor een organisatie, dus ook voor een onderwijsorganisatie, als er op verschillende manieren en vanuit verschillende perspectieven naar het functioneren van de organisatie wordt gekeken.
Passen en schuren
Balans docentencorps: gerichtheid op meerstemmigheid. Vanuit dat idee zou je eens kunnen kijken naar de balans in het docentencorps als het gaat om docenten die ‘passen’ en docenten die ‘schuren’.
Met docenten die ‘passen’ bedoelen we dan docenten die zich senang voelen in de opleiding. Goed functioneren volgens collega’s en studieleiding. En in het algemeen weinig kritiek hebben op de opleiding zelf. En vanuit die positie en houding hun bijdrage leveren aan het onderwijs
Balans
Balans docentencorps: gerichtheid op meerstemmigheid. Een verhouding 100/0 tussen passen en schuren is niet goed. Maar het zal duidelijk zijn dat de verhouding ook niet 50/50 moet zijn. Het is niet echt mogelijk om de schurende docenten gericht naar binnen te halen. Vaak blijkt dit pas echt tijdens het daadwerkelijke functioneren van de docent. Het is dan zaak om die schurende docenten te koesteren. Zij zorgen voor het benodigde tegengeluid, andere visies en perspectieven waardoor een opleiding verder kan ontwikkelen. Daar zal dan een antwoord op gegeven moeten worden. Een betere onderbouwing voor wat de opleiding doet en waarom ze het zo doet. Het mogelijk maken van verbeteringen door kritische vragen of ‘confronterende’ gedrag.
Het koesteren van die docenten vraagt wel de nodige precisie. Het kan niet zo zijn dat een ‘schurende’ docent dermate schuurt of altijd schuurt dat het gelijk te stellen is aan ‘haar werk niet goed doen’. En dat dit toch getolereerd wordt omdat het nu eenmaal zo nuttig is om zo’n schurende docent te hebben.
Balans docentencorps: gerichtheid op meerstemmigheid. Het is dus een kwestie van balanceren tussen serieus aandacht besteden aan de, misschien confronterende, vragen en inbreng van bepaalde docent en die docenten ook duidelijk maken wat de uitgangspunten zijn van de opleiding. Uitgangspunten die niet steeds ter discussie staan. Stel dat je met een aantal acteurs een toneelstuk aan het maken bent dan is degene die het toneel als geheel verwerpt op dat moment niet erg op zijn plaats. Tussen twee stukken in mogelijk wel.
Een nastrevenswaardige situatie is die waarin iedere docent enkele gebieden van ‘schuren’ heeft, niet gebaseerd op eigen stokpaardjes maar op een andere manier van kijken en benaderen. Als dat het geval is, valt de hele tegenstelling passen en schuren weg. Het gaat dan om meerstemmigheid en de effectiviteit van het bijeen kunnen brengen van verschillende manieren van kijken en werken.
Ga terug naar het overzicht van alle artikelen over balans in het docentencorps.
