Balans docentencorps ∴ gerichtheid op integratie

Balans docentencorps: gerichtheid op integratie. Er is een balans nodig tussen docenten met een meer specialistische gerichtheid en docenten met een meer integratieve gerichtheid. Het eerste type docent zal meer staan voor vakinhoudelijke diepgang. Het tweede type docent zal een bredere kijk hebben en zal meer staan voor de integratie van kennis en kunde in lessen, projecten, het aanbrengen van mogelijke verbindingen tussen verschillende vakgebieden, etc. Beide zijn nodig om een specifiek vakgebied verder te ontwikkelen. En om de overeenkomsten en de verschillen tussen disciplines, vakgebieden, didactische benaderingen, etc. te benoemen en waar gewenst te combineren of integreren. Maar er zal geen sprake zijn van een 50/50-verdeling.

Voorbeeld

Bij een opleiding als HKU Muziek en Technologie zijn de ‘nerds’ onder de docenten met name te vinden op (muziek)technologisch gebied. Denk aan programmeurs van muzikale software, in feite ICT’ers die zich specifiek bezighouden met muziek en geluid. Getalsmatig gaat het hier dan om een drietal docenten op een totaal van 50 docenten. Ze zijn echter wel van belang omdat ze de nodige technologische ‘oplossingen’ kunnen bedenken en maken voor inhoudelijke muzikale vraagstukken. Ze functioneren daardoor als rolmodel voor sommige studenten. Daarnaast zijn ze zich in het algemeen wel bewust van de context waarin ze functioneren en waar het ontwerpen van muziek/geluid het uitgangspunt is en technologie een middel. En mochten ze zich daar niet bewust van zijn dan worden ze wel geconfronteerd met dat uitgangspunt door de collega-docenten.

Balans

Balans docentencorps: gerichtheid op integratie. In de mogelijke werkvelden voor afgestudeerden van een kunst- of ontwerpopleiding is er met name behoefte aan professionals die in staat zijn discipline-overschrijdend te werken. En die in hun ontwerppraktijk gericht zijn op, bijvoorbeeld, de integratie van verschillende benaderingen. Een opleiding zal hier de nodige aandacht aan moeten geven. Op integratie en samenwerking gerichte docenten zijn daarom structureel onderdeel van de opleiding. Ook de specialist zal dus betrokken moeten zijn bij integratie en samenwerking.

Het is echter wel zinvol zijn om een aantal docenten met een specialistische gerichtheid in het docentencorps te hebben zolang ze bereid zijn ook samenwerking aan te gaan. Zinvol omdat zij pleitbezorgers zijn van diepgaande vakinhoudelijke kennis en kunde waardoor het gevaar van oppervlakkigheid wordt vermeden. Een opleiding kan met dergelijke docenten ook studenten met een vergelijkbare specialistische gerichtheid goed begeleiden. De integratie en bijbehorende houding kan dan wat meer van de collega’s komen met wie ze samenwerken. Een dergelijke combinatie vormt ook een ‘rolmodel’ voor studenten met het oog op hun komende beroepspraktijk. Daar zien we regelmatig samenwerkingen tussen ‘nerds’ die zich eigenlijk geen raad weten zodra het over iets anders dan hun vakgebied gaat en meer op integratie gerichte collega’s die de nerds op het juiste moment weten in te schakelen in projecten waar op gegeven moment die specifieke vakkennis nodig is.

 

Ga terug naar het overzicht van alle artikelen over balans in het docentencorps.

IJzermans, Jan J. & Machielse, Rens (2026) De kunst van ontwerponderwijs. https://dekunstvanontwerponderwijs.nl/balans-docentencorps-gerichtheid-op-integratie/