Curriculumontwerp ∴ studierichting en studieplan
Curriculumontwerp: studierichting en studieplan. De meeste kunst- en ontwerpopleidingen bieden verschillende studierichtingen aan. Zo kent het ArtEZ Conservatorium Enschede de bachelor studierichtingen Docent Muziek, MediaMusic, Popacademie en Muziektherapie. En HKU Design heeft de bachelor studierichtingen Fashion Design, Product Design en Spatial Design. Studierichtingen die allemaal hun eigen curriculum hebben met mogelijk enkele gemeenschappelijke onderdelen en onderdelen waarbinnen samengewerkt kan worden met andere studierichtingen.
De aanwezigheid van studierichtingen binnen kunst- en ontwerpopleidingen is nuttig voor aankomende studenten. Ze kunnen zo een eerste keuze maken binnen een groot vakgebied zoals design of theater gebaseerd op hun, op dat moment, aanwezige ideeën, ervaringen, interesses en talenten. Hopelijk stelt dan het eerstejaars curriculum van die gekozen studierichting de studenten wel in staat om kennis te maken en ervaring op te doen met (onderdelen van) andere studierichtingen zodat ze hun ideeën, ervaringen, interesses en talenten in bredere zin kunnen beproeven en onderzoeken. In de latere studie is een deel van de studenten beter af met een individueel studietraject, een studieplan, in plaats van een studierichting. Daar zitten wel wat haken en ogen aan.
In dit artikel gaan we in op de voor- en nadelen van de studierichting en het studieplan.
Flexibiliteit
Een kunst- of ontwerpopleiding is in de meeste gevallen gericht op de ontwikkeling van de individuele student. Het curriculum zal dus de nodige flexibiliteit aan de student moeten bieden. Dat kan op gespannen voet staan met het bestaan van studierichtingen want wie zegt, of wilt, dat een student, na het kiezen van een studierichting door ervaring en ontwikkeling wijzer geworden, ook keurig die studierichting zal willen blijven volgen?
Diversiteit
Curriculumontwerp: studierichting en studieplan. Een belangrijk aspect in deze vraagstelling is de, in allerlei opzichten, grote diversiteit onder de studenten die vandaag de dag een opleiding binnenkomen. De maatschappij wordt steeds diverser met veel verschillende culturen en achtergronden die bijdragen aan die diverse instroom. Daarnaast leiden we in de meeste gevallen niet op voor specifieke beroepen maar voor een diversiteit aan specifieke combinaties van vaardigheden. Standaardisering in de vorm van een studierichting kan daarmee op gespannen voet staan.
Daarbij is het voortgezet onderwijs als voorland voor een kunst- of ontwerpopleiding gedifferentieerd, leerlingen moeten al in een relatief vroeg stadium een ‘profiel’ kiezen dat aan zou moeten sluiten bij de hbo- of wo-opleiding die ze daarna willen volgen. Er is echter geen voortraject voor kunst- en ontwerp-opleidingen zodat kandidaten zich daar kunnen aanmelden met allerlei profielen, (pas) ontdekte interesses en (net) aangeboorde talenten. Al met al zal een opleiding, ondanks het feit dat ze studenten kan toelaten of niet, een grote variëteit aan studenten binnenkrijgen met een even grote variëteit aan kennis en ervaringen.
Gerichtheid
Mede afhankelijk van de discipline, zal een beginnende student meer of minder specifieke ervaring hebben. Bij een conservatorium kun je al goed vioolspelen bij binnenkomst en ga je in principe daarmee verder. Een aankomend student die toelating doet voor de studierichting product design zal wel degelijk interesse en talent hebben voor product design. Een voortraject zoals bij ‘viool’ kent product design niet met als gevolg dat de gemiddelde product design aanmelder nog veel moet ‘ontdekken’ van haar eigen kunnen en interesse tijdens de studie.
Referentiekader
Curriculumontwerp: studierichting en studieplan. In principe zal dat ook mogelijk zijn omdat een product design-studierichting een van de mogelijke studierichtingen is binnen een bredere designopleiding. De student in kwestie komt dus in haar eerste studiejaren al in aanraking met andere aanpalende vakgebieden binnen design en ontwikkelt mogelijk interesse in een ander vakgebied of een combinatie van vakgebieden.
Daarnaast ontstaat er in die eerste studiejaren ook een referentiekader voor de student omdat zij haar collega-studenten meemaakt en geconfronteerd wordt met hun interesses en talenten waartoe zij zich vervolgens zal willen verhouden.
Ontwikkeling individuele student
Het curriculum bepaalt in hoeverre een student daadwerkelijk in aanraking komt en kennis maakt met andere aanpalende vakgebieden en disciplines. Als een opleiding echt gericht is op de ontwikkeling van de individuele student zal het eerstejaarscurriculum dit moeten faciliteren want gezien het beperkte referentiekader van de aankomende student is het niet erg waarschijnlijk dat zij voldoende beeld heeft van de mogelijkheden binnen een vakgebied of een combinatie van vakgebieden in relatie tot haar eigen interesses en talenten.
Argument voor studierichtingen
Curriculumontwerp: studierichting en studieplan. De vraag dringt zich dan op in hoeverre studierichtingen zinvol zijn in zo’n eerstejaars curriculum. Een argument vóór het gebruik van studierichtingen is dat het over- en inzicht geeft aan de toekomstige studenten. Die kunnen een keuze maken gebaseerd op hun, op dat moment, aanwezige ideeën, ervaringen, interesses en talenten. Alleen de mogelijkheid ‘design’ te kiezen zal voor de meeste toekomstige studenten te vaag klinken, een indeling in Fashion Design, Product Design en Spatial Design geeft dan al meer over- en inzicht in de discipline design en geeft specifiekere mogelijkheden qua keuze.
Argument tegen studierichtingen
Het argument tegen het gebruik van studierichtingen is dat ze te beperkend kunnen zijn, dat ze de persoonlijke ontwikkeling van de student in de weg kunnen zitten omdat ze in feite al te vroeg binnen zo’n persoonlijke ontwikkeling een afbakening aanbrengen. Daarnaast is er al lange tijd een ontwikkeling gaande dat de relatief monodisciplinaire benadering van een studierichting steeds minder relevant wordt omdat de werkvelden in toenemende mate multidisciplinair van karakter zijn en het werk vaak draait om specifieke combinaties van vaardigheden.
Van beide het beste
Curriculumontwerp: studierichting en studieplan. Een mogelijke oplossing ligt in de combinatie van bovenstaande argumenten. Om de toekomstige student meer houvast te bieden bij het bepalen van een keuze, hanteren we een aantal studierichtingen. Studierichtingen met namen en beschrijvingen die aansluiten op de wereld en de beleving van de studenten die zich aanmelden. In de praktijk is het eerste studiejaar van al die studierichtingen echter grotendeels hetzelfde met een aantal accentverschillen gebaseerd op die verschillende studierichtingen. Er is feitelijk sprake van een (soort van) basisjaar waarin studenten voldoende mee krijgen van de gekozen studierichting maar ook meer dan voldoende van andere benaderingen en disciplines binnen bijvoorbeeld het domein Design.
Op deze manier krijgt de student mogelijkheden om haar ideeën, interesses en talenten te beproeven en te onderzoeken om daarna een beter gefundeerde keuze te maken voor het resterende deel van haar studie. In de volgende alinea’s kijken we naar het zogenaamde studieplan en welke mogelijkheden dat biedt voor de student in relatie tot haar formele studierichting.
De ideale opleiding
Het kan zijn dat de oorspronkelijk gekozen studierichting een curriculum heeft dat grotendeels aansluit op die ideeën, ervaringen, interesses en talenten van een student. Ook nadat deze kennis heeft genomen van de mogelijkheden en vakgebieden van andere studierichtingen. De ideale opleiding dus voor deze student.
Switchen?
Curriculumontwerp: studierichting en studieplan. Het kan ook zijn dat een student ‘ontdekkingen’ doet die haar oorspronkelijk ideeën doen wankelen en/of wijzigen. Ze ziet bijvoorbeeld door de interactie met collega-studenten dat haar talent beperkt is, dat een aantal onderwerpen binnen de studierichting minder haar interesse hebben of dat ze juist een talent blijkt te hebben waarvan ze niet wist dat ze het had. Of dat ze langer nodig heeft dan gemiddeld om haar richting te vinden.
Wat zijn de mogelijkheden voor zo’n student? Ze zou kunnen switchen van studierichting maar het is sterk de vraag of die nieuwe studierichting dan wel in zijn geheel voldoet aan haar vernieuwde ideeën en talenten.
Een goede oplossing is waarschijnlijk dat de student ‘onderdelen’ van twee, bij uitzondering drie, studierichtingen gaat volgen. Er wordt dan voor haar een curriculum samengesteld in een studieplan voor de rest van de studie. Dit klinkt prima maar er zijn wel een aantal praktische en inhoudelijke bezwaren.
Roostering
Een praktisch punt is dat het zeker niet altijd mogelijk zal zijn om een individueel traject te roosteren dat is samengesteld uit onderdelen van verschillende studierichtingen. De keuzemogelijkheden voor dergelijke individuele trajecten zullen zich beperken tot de mogelijkheden die de roostering biedt.
Vooral leuk
Curriculumontwerp: studierichting en studieplan. Een inhoudelijk punt is dat een dergelijk ‘op maat gemaakt’ curriculum al snel een verzameling van lesreeksen, opdrachten en projecten wordt die gebaseerd is op criteria als ‘dit vind ik een leuk vak’ en ‘hier ben ik goed in’. Als de invulling van een dergelijk traject alleen aan de student wordt overgelaten, kan het al snel eenzijdig samengesteld zijn en te weinig uitdaging geven omdat er gekozen wordt voor ‘leuk’ en ‘veilig’.
Een curriculum dat enerzijds anticipeert op de kwaliteiten en talenten van de student maar anderzijds ook voldoende uitdaging kent, kan het beste samengesteld worden door de ideeën en inzichten hierover van zowel de student als docenten te combineren in een studieplan.
Studieplan
Zoals gezegd is er mogelijk de verleiding voor de student om te kiezen voor ‘leuk’ en ‘veilig’. Een tweede punt is dat ‘de student niet weet wat zij niet weet’. Zij heeft weinig of geen idee over wat een bepaalde lesreeks of project te bieden heeft in relatie tot de andere onderdelen van haar traject. Dit soort kennis en inzicht is wel aanwezig bij docenten die de student van nabij hebben meegemaakt.
Een mogelijke aanpak is de student aan het einde van een studiejaar te vragen een studieplan op te stellen aan de hand van de opgedane ervaringen en inzichten van dat afgelopen studiejaar en op basis van voorlichting over het komende studiejaar. Dit studieplan presenteert ze aan een commissie van 2 of 3 docenten die haar goed kennen. Die kan haar plan vervolgens goedkeuren, eventueel nog met een paar adviezen.
Of ze vragen haar het plan bij te stellen omdat ze vanuit hun optiek een aantal verkeerde keuzes maakt waarbij die docenten onderbouwen waarom ze dat vinden en waarbij de student zelf niet voldoende onderbouwing kan leveren voor haar keuzes. In een dergelijke situatie zal de student dan zelf ook beseffen dat ze inderdaad nog eens naar haar keuzes moet kijken, mogelijk met nieuwe inzichten die ze heeft gekregen door het gesprek met de docenten.
Het kan ook gebeuren dat het studieplan wordt afgekeurd door de docenten bijvoorbeeld omdat het alleen maar een herhaling van zetten is vergeleken met wat de student eerder gedaan heeft. De ervaring leert dat men uiteindelijk altijd tot een gezamenlijk geformuleerd studieplan komt. Soms wordt daarbij afgesproken dat er nog een heroverweging kan plaats vinden na een aantal maanden ervaring in het nieuwe studiejaar.
Het is goed om te beseffen dat bij zo’n eventuele heroverweging een student binnen haar studieplan niet altijd gemakkelijk kan switchen van de ene lesreeks naar de andere. Er is soms wel, soms niet een ‘mouw te passen’ aan dit soort situaties. Een derdejaars student kan bijvoorbeeld een tweedejaars lesreeks volgen om zo aan te haken bij een, voor haar, nieuwe serie lesreeksen.
Tenslotte
Zoals gezegd is er mogelijk de verleiding voor de student om te kiezen voor ‘leuk’ en ‘veilig’. Een tweede punt is dat ‘de student niet weet wat zij niet weet’. Zij heeft weinig of geen idee over wat een bepaalde lesreeks of project te bieden heeft in relatie tot de andere onderdelen van haar traject. Dit soort kennis en inzicht is wel aanwezig bij docenten die de student van nabij hebben meegemaakt.
Een mogelijke aanpak is de student aan het einde van een studiejaar te vragen een studieplan op te stellen aan de hand van de opgedane ervaringen en inzichten van dat afgelopen studiejaar en op basis van voorlichting over het komende studiejaar. Dit studieplan presenteert ze aan een commissie van 2 of 3 docenten die haar goed kennen. Die kan haar plan vervolgens goedkeuren, eventueel nog met een paar adviezen1Bijvoorbeeld om nog eens met een specifieke docent een bepaald onderdeel van haar plan te bespreken of om met een specifieke collega-student te gaan samenwerken..
Of ze vragen haar het plan bij te stellen omdat ze vanuit hun optiek een aantal verkeerde keuzes maakt waarbij die docenten onderbouwen waarom ze dat vinden en waarbij de student zelf niet voldoende onderbouwing kan leveren voor haar keuzes. In een dergelijke situatie zal de student dan zelf ook beseffen dat ze inderdaad nog eens naar haar keuzes moet kijken, mogelijk met nieuwe inzichten die ze heeft gekregen door het gesprek met de docenten.
Het kan ook gebeuren dat het studieplan wordt afgekeurd door de docenten bijvoorbeeld omdat het alleen maar een herhaling van zetten is vergeleken met wat de student eerder gedaan heeft. De ervaring leert dat men uiteindelijk altijd tot een gezamenlijk geformuleerd studieplan komt. Soms wordt daarbij afgesproken dat er nog een heroverweging kan plaats vinden na een aantal maanden ervaring in het nieuwe studiejaar.
Het is goed om te beseffen dat bij zo’n eventuele heroverweging een student binnen haar studieplan niet altijd gemakkelijk kan switchen van de ene lesreeks naar de andere. Er is soms wel, soms niet een ‘mouw te passen’ aan dit soort situaties. Een derdejaars student kan bijvoorbeeld een tweedejaars lesreeks volgen om zo aan te haken bij een, voor haar, nieuwe serie lesreeksen.
Ga terug naar het overzicht van alle artikelen over de (door)ontwikkeling van het curriculum.
Voetnoten
- 1Bijvoorbeeld om nog eens met een specifieke docent een bepaald onderdeel van haar plan te bespreken of om met een specifieke collega-student te gaan samenwerken.


