Uitgangspunten ∴ doorontwikkelen en het andere


Uitgangspunten: doorontwikkelen en het andere. Onderliggend aan alles dat in deze minireeks artikelen over doorontwikkeling aan de orde komt is dat als je wil doorontwikkelen/ vernieuwen het van belang is in contact te komen met het andere /de ander. In dit artikel bespreken we hoe dit in het onderwijs vorm kan krijgen.

Dat je mensen met elkaar verbindt en laat samenwerken zorgt er voortdurend voor dat ontwikkeling plaatsvindt. Het is daarbij wel de kunst om de rijkdom te zien van de verschillen van inzicht die er zullen zijn omdat deze voortkomen uit verschillende perspectieven. Zo ontstaat er een meervoudig in plaats van een enkelvoudig beeld. Je kunt leren hoe anderen kijken en werken en zien wat je daarmee kan. Interculturaliteit is van belang bij alle processen tussen mensen, niet alleen bij contacten tussen benoembare groepen.
Een opleiding koestert enthousiasme voor contexten die minder goed bekend zijn, om vaardigheden en inzichten aan te kunnen scherpen.
Leidinggevende, docenten en eventuele andere medewerkers zijn zich ervan bewust dat je altijd anderen nodig hebt om goed te kunnen functioneren binnen de opleiding.

Het belang van het andere en de ander voor maken en maakonderwijs

Uitgangspunten: doorontwikkelen en het andere. Laten we simplistisch beginnen. Stel je doet alles zelf en op jezelf. Je werkt met niemand samen. Je laat wat je gemaakt hebt nooit zien/horen/voelen aan anderen om de invloed van anderen zo klein mogelijk te houden. En je schuift alles wat je onverhoopt leert van anderen radicaal van je af en wil alleen van jezelf leren. Lekker bezig dus. De romanticus zal mogelijk denken dat dit een goede weg is omdat je uiteindelijk op deze manier het beste uit jezelf haalt. Ieder ander zal begrijpen dat er zonder enige interactie met anderen weinig relevants zal gebeuren. Je hebt de ander en het andere nodig om verder te komen.

Er zijn veel manieren waarop je met de ander en het andere kan worden geconfronteerd. Samenwerken is een belangrijke. Kritiek krijgen en geven. Bijspringen, een vleug van iets anders opdoen. Imiteren van iets dat je nog niet kent, analyse in samenhang met synthese. Bekend of juist onbekend werk van anderen bekijken en doorvoelen. Je met gebruikers verdiepen in het gebruik van het product. Afstemmingsprocessen. Repertoires verkennen, manieren van werken van anderen uitproberen en transformeren.

Valt op dit gebied iets te regisseren door de opleiding?

Uitgangspunten: doorontwikkelen en het andere. Zorg dat er in de opleiding studenten en docenten zitten met een brede, rijke verscheidenheid aan oriëntaties en ervaringen die veelvuldig met elkaar interacteren. Het gaat daarbij niet alleen om de producten die zij (willen) maken maar ook om hun culturele achtergrond, de ervaring en wereldoriëntatie die ze kunnen inbrengen.

We behandelen nu een zevental kenmerken van maken. We kijken daarbij per kenmerk naar de rol van de ander/het andere daarbij. Ga per kenmerk na wat jouw opleiding daaraan kan doen.

A. Aanzetten tot verandering

Uitgangspunten: doorontwikkelen en het andere. Het maken wordt geïnformeerd door de betrokken ‘culturen’ maar heeft tegelijkertijd de kracht om aan te zetten tot veranderen. Het richt zich op de toekomst van de mensen met wie en voor wie wordt gemaakt.1Dit is een belangrijke, wat onderbelichte kant van ontwerpen en kunst. Zie het artikel Ontwerpen en de toekomst. Het levert een specifiek, passend werk (product, proces, dienst).
Dit laat zien dat geïnformeerd willen worden door/tot correspondence willen komen met de ander en het andere niet louter een overgave is aan het andere en de ander. Het gaat juist om de synthese van het eigene en het andere. Het is een oude wijsheid dat verandering vooral voortkomt uit de ontmoeting, in één persoon of een groep personen, van twee of meer vakgebieden. Ook dat gebeurt niet door overgave aan het andere vakgebied maar door synthese van het andere dat dat vakgebied brengt in het eigen vakgebied.

B. Onderdompeling in echte situaties

Makers dompelen zich onder in échte situaties om inzicht te krijgen in de ervaringen en betekenissen van bepalende fenomenen. Dit biedt de basis voor verbeelding, duiding, beschouwing en maken. Als je dit met meerderen doet met hun verschillende oriëntaties en ervaringen zal dat veel meer informatie en slagkracht opleveren dan wanneer je dit alleen zou doen.

C. Komen tot correspondence

Bij het ontwikkelen van een product zijn iteratieve processen en reflectie daarop van belang in een poging te komen tot correspondence: gevoel voor en handelen naar de onderlinge verbanden, in steeds wisselende omstandigheden, tussen de betrokken mensen, voorwerpen en contexten. Ook hier geldt dat als je dit met meerderen doet, dat veel meer informatie en slagkracht op zal leveren dan wanneer je dit alleen zou doen.

D. Integratie van specifieke expertise

Uitgangspunten: doorontwikkelen en het andere. In het maakproces wordt de specifieke expertise van disciplines en mensen geïntegreerd in een geheel, omvattend idee. Een ideale (maar zeker niet probleemloze;-) situatie om het andere en de ander in relatie tot jouw eigen processen en oriëntaties tegen te komen.

E. Gevoeligheid voor de waardeoriëntatie van de betrokkenen

Makers hebben een bijzondere gevoeligheid ontwikkeld voor de waarde-oriëntatie van degenen voor wie het maken bedoeld is. Dit hangt samen met het streven het te maken werk een zo groot mogelijke invloed te laten hebben. De betrokkenheid van mensen die (de werking van) het product gaan ervaren en hun context zijn daarbij essentieel om tot waarde te kunnen komen.

F. Reflectieve activiteiten

Voor makers zijn concrete praktijk en reflective action van het grootste belang in hun rol van maker maar ook in de rol van beschouwer (van de ander). Als anderen reflecteren vanuit hun verschillende oriëntaties en ervaringen over jouw of jullie manier van kijken en werken dan levert dat een veel grotere rijkheid dan dat zelfreflectie kan leveren.

G. Manieren van werken in maken vertonen overlap

Uitgangspunten: doorontwikkelen en het andere. Manieren van werken in maken vertonen een zekere overlap. Dat creëert een ‘common ground’ tussen een deel van jouw manieren van werken en die van iemand in een ander vakgebied, context en dergelijke. Denk aan video feedback, scenario’s, mock-ups, props, prototypes, tangible interactions, en verschillende vormen van spel, performance en enactment. Ook zijn er parallellen in de manieren waarop er tussen disciplines wordt samengewerkt, zowel binnen als buiten het maken: samen concepten en prototypes maken, de samenwerking versterken met belanghebbenden en soorten publiek en doelbewuste aandacht voor verandering.

Ga terug naar het overzicht van alle artikelen over doorontwikkelen.

Voetnoten

IJzermans, Jan J. & Machielse, Rens (2026) De kunst van ontwerponderwijs. https://dekunstvanontwerponderwijs.nl/uitgangspunten-doorontwikkelen-en-het-andere/