Uitgangspunten ∴ samenwerken


Uitgangspunten: samenwerken.
Goed kunnen samenwerken met collega’s, mensen uit andere disci­plines, gebruikers en opdrachtgevers is de sleutel om succesvol te kunnen opereren. Je kennis en vaardigheden vertonen altijd gebreken. Je wilt werken aan die beperkingen of juist met of door je beperkingen. Voor alle drie deze mogelijkheden is samenwerken stimulans of noodzaak. In veel werkvelden is samenwerking de norm maar ook in de overige zijn er allerlei vormen van samenwerking te vinden. Samenwerken is voor studenten en voor docenten dus essentieel. Als opleiding kun je hier allereerst aan bijdragen door samenwerking op veel plaatsen in het onderwijs te vervlechten. Niet alleen in het projectonderwijs maar ook bij ‘gewone’ opdrach­ten. We willen leren door ervaren, dus door te doen en mee te maken. Het dichtst bij leren door eigen ervaring ligt leren van de ervaringen van mensen in je nabijheid die ongeveer hetzelfde mee­maken: degenen met wie je samenwerkt. Ten tweede, kun je als opleiding het goede voor­beeld geven, door zelf ook samen te werken. Het zou nogal ongeloofwaar­dig zijn als een opleiding studenten probeert te trainen in samenwerken terwijl de betrokken docenten voor geen meter samenwerken. Doe ons dan maar een hoorcollege ‘groepsdynamica’ ter voorbereiding op de beroepspraktijk;-)

Gewend om samen te werken

Uitgangspunten: samenwerken. Het overgrote deel van de docenten van een kunst- of ontwerpopleiding heeft een beroepspraktijk. Zij zijn dus gewend om samen te werken. Het klinkt dus eigenlijk simpel. Docenten zijn gewend om samen te werken in hun beroepsprak­tijk dus zullen ze dat ook doen in hun docentenpraktijk. De werkelijkheid is regelmatig anders. Docenten kunnen bijvoorbeeld wars zijn van ‘inmenging’ of zichzelf zien als de enige expert op een bepaald gebied zodat samenwerking zou leiden tot kwaliteitsvermindering. Of een docent doet te veel zijn ‘eigen ding’ of probeert zijn wil op te leggen aan anderen.

Om ervoor te zorgen dat samenwerken onderdeel is van de cultuur binnen je opleiding moet je allereerst docenten selecteren die de vier laatstgenoemde eigenschappen niet hebben. Docenten selecteren die het wel leuk en leerzaam vinden om met andere docen­ten samen te werken omdat ze snappen (en vaak ervaren hebben) dat je juist leert van ‘de ander’. En, ervoor zorgen dat de docenten binnen de opleiding zoveel mogelijk samen doen (niet alleen maar samen dingen bespreken).

Samenwerking teweegbrengen

Uitgangspunten: samenwerken. Samenwerking leidt tot meer samenwerking maar vooral ook geldt het omgekeerde: niet samenwerken leidt tot niet samen werken. Je zorgt er dus voor dat de opleiding samen­werking teweegbrengt. Dat doe je onder andere door de boel zo te organiseren dat docenten wel moeten samenwerken willen ze les kunnen geven. Docenten interacteren op verschillende manieren met elkaar: ze geven gezamenlijk lesreeksen, zitten in overlappende vakinhoudelijke lijnen en in de community of practice rond ontwikkeling en onderzoek.
Het is onze ervaring dat docenten veel kunnen leren in zowel didactisch als in vakinhoudelijk opzicht door samen te werken. Ook met een groep ‘eigenwijze vakidioten’ kun je de overgang maken naar samenwerkende docenten met respect voor elkaars professionaliteit en expertise. Dat wil niet zeggen dat men het altijd met elkaar eens is, integendeel. Als men maar inziet dat in de samenwerking verschillende invalshoeken samen komen waardoor er een completer, ‘meerdimensionaal’ beeld ontstaat.

Vertrouwen

Uitgangspunten: samenwerken. Samenwerken met anderen is essentieel. Het is de manier om samenhang te verkrijgen en die kanten bij elkaar te krijgen die er voor het te ontwikkelen issue toe doen. In je eentje heb je per definitie een beperkt beeld. Met anderen erbij ontstaat de variatie die je nodig hebt om naar bevind van zaken te werken. Daarin is vertrouwen onontbeerlijk: met de uitgangs­punten en richting goed voor ogen moet het duidelijk zijn wat er vanuit de verschillende betrokkenen nodig is. Als er directe opdrachten (moeten) worden gegeven, neemt dit in veel gevallen de mogelijkheid weg dat sommigen met iets komen dat beter is dan wat al was bedacht.

Vertrouwen is een essentieel aspect binnen de cultuur van een opleiding. Het betreft de manier van leiding geven maar ook het onderling vertrouwen bij docenten.1Lees verder. De basis voor dat vertrouwen is het respect dat men voor elkaar heeft. Docenten kunnen onderling van mening verschillen op allerlei punten maar er moet wel sprake zijn van respect voor elkaar. Respect dat vaak gebaseerd zal zijn op het gegeven dat de ander daadwerkelijk wat te melden heeft vanuit haar ervaring in de werkvelden en/of de opleiding. Als je geen respect hebt voor een collega-docent zul je haar niet vertrouwen in het nakomen van de minder eenvoudige afspraken, zoals het op een bepaalde manier uitvoeren van een lesreeks of een bepaalde manier van bejegenen van de studenten.

Conclusie

Uitgangspunten: samenwerken. Samenwerken, respect en daarmee onderling vertrouwen zijn belangrijk voor de cultuur binnen een opleiding (link). Het werken aan dit geheel gaat niet vanzelf. Iedereen zal eraan moeten bijdragen om de studenten in staat te stellen diverse ervaringen op te doen met samenwerken en om zelf als docenten te kunnen werken op basis van de norm (samenwerken) in de werkvelden, meerdere perspectieven bijeen te kunnen brengen en bij te kunnen dragen aan (onderling) vertrouwen.

Je moet er dus ook weer niet al te ingewikkeld over doen. Het is gewoon de normale gang van zaken hier dat we samenwerken. Zie je dat niet zitten als docent dan ben je hier niet op je plek.

 

Ga terug naar het overzicht van alle artikelen over uitgangspunten.

Voetnoten

IJzermans, Jan J. & Machielse, Rens (2026) De kunst van ontwerponderwijs. https://dekunstvanontwerponderwijs.nl/uitgangspunten-samenwerken/